misdienaar

In de Broederschool te Heule was het geen probleem om de lessen te verlaten om een begrafenis of een huwelijk te gaan "dienen". Als misdienaar waren dat soms lange diensten omdat er nog in stoet naar het kerkhof gegaan werd, het processiekruis voorop. Ook voor de berechting moesten we mee. Met een lantaarn voorop. Iedereen die ons zag knielde. Ik herinner me een geval waar men geen kaarsen had om naast het kruisbeeld te doen branden. Geen nood, dan maar het kruisbeeld op het gasvuur geplaatst tussen twee brandende gasvuren. Ons Heere zal het wel effen warm gehad hebben. Tijdens de mis moesten we ook een paar keer het misboek van de priester naar de andere kant van het altaar dragen. Zwaar dat dat was! Ik liet de boek eens tijdens een trouw vallen, net op het ogenblik dat men een foto nam. Gelukkig was mijn haar mooi gekamd. En oo zondag voor de Hoogmis was er het Asperges Me. Rondgang met de kwispel en het wijwatervat. Op het einde van de kerk doopten we eens goed de kwispel in de emmer zodat de volgende kerkgangers de volle laag kregen. Aan de deur stonden twee mannen voor het stoelgeld. Ontsnappen kon niet. En we moesten Latijn kennen. In troibo ad altare Deo.